Zorgprogramma Hartfalen

Volgens de definitie van de Multidisciplinaire Richtlijn Hartfalen 2010, opgesteld door o.a. het Nederlandse Huisartsen Genootschap, is hartfalen “een complex van klachten en verschijnselen bij een structurele of functionele afwijking van het hart. Deze afwijking dient objectief te zijn vastgesteld, meestal met behulp van echocardiografie”. Het complex van klachten en verschijnselen leidt tot een tekortschietende pompfunctie van het hart.

De diagnose hartfalen berust op drie pijlers:

  • - symptomen passend bij hartfalen (bijvoorbeeld verminderde inspanningstolerantie, zich veelal uitend in klachten van kortademigheid en vermoeidheid of perifeer oedeem) en
  • - onderzoeksbevindingen passend bij hartfalen (bijvoorbeeld crepiteren van de longen, verhoogde centraal veneuze druk (CVD), perifeer oedeem, vergrote lever, heffende/verbrede ictus, hartgeruis, tachycardie, tachypnoe, 3e harttoon) en
  • - objectief bewijs voor een structurele of functionele afwijking van het hart in rust.

Nederlandse cijfers over het voorkomen van hartfalen komen o.a. uit huisartsregistraties. In 2007 was de prevalentie naar schatting 120.000 (95% BI: 89.800-160.400). Cijfers uit het bevolkingsonderzoek in Nederland komen hiermee redelijk overeen. Verwacht wordt dat de prevalentie van hartfalen verder zal stijgen door de veroudering van de bevolking en dankzij de succesvolle behandeling van coronaire hartziekte. Er komen per jaar ongeveer 39.000 nieuwe patiënten met hartfalen bij; dat zijn er per huisartsenpraktijk van 3000 patiënten ongeveer zeven.

De prevalentie stijgt sterk met de leeftijd, van 0,8% tussen de 55 en 64 jaar, via 3% tussen de 65 en 74 jaar, 10% tussen de 75 en 84 jaar, naar 20% voor mensen van 85 jaar en ouder. De voor leeftijd gecorrigeerde prevalentie is bij mannen hoger dan bij vrouwen. Onder relatief jonge patiënten met hartfalen zijn er meer mannen en is coronair lijden de belangrijkste oorzaak. Omdat er veel meer oudere vrouwen zijn, zijn er boven de 75 jaar meer vrouwelijke patiënten met hartfalen. Op oudere leeftijd is de oorzaak voor hartfalen veelal langdurige hypertensie.

Hartfalen heeft een slechte prognose. De gemiddelde 5-jaars overleving is ongeveer 45%.  Bij degenen die opgenomen worden in het ziekenhuis met als diagnose hartfalen is binnen 1 jaar 40% overleden of heropgenomen. Het CBS registreerde 6000 sterfgevallen aan hartfalen in 2004. De totale jaarlijkse kosten van de behandeling van hartfalen in 2005 werden geschat op €387,5 miljoen. Dit is bijna 1% van de totale kosten van zorg in Nederland en ruim 7% van de totale kosten voor hart- en vaatziekten. Ziekenhuisopnames zorgden voor ruim de helft van de kosten.

Het Zorgprogramma Hartfalen kent de volgende fases:

  1. de signaleringsfase
  2. de diagnostische fase
  3. de instel- en behandelfase
  4. de controle / stabilisatiefase
  5. de palliatieve en terminale fase